Dankzij AI zijn we de afgelopen maanden in overvloed geraakt. We maken nog sneller plannen, ideeën en voeren dat uit door middel van vibecoden, ook weer met AI.

In een eerder stuk schreef ik al hoe dit de relatie met onze medemens verandert, en schreef ik al dat we vooral op zoek kunnen en moeten naar een herdefinitie van deze relaties. Mijn stelling hier was: soms is op een terras zitten met een goede vriend een veel beter advies dan je ooit van een taalmodel krijgt.

Ik ben er sindsdien van overtuigd geraakt dat we ons minder door AI experts moeten laten opnaaien. We moeten kalm blijven en AI niet de norm maken voor onze communicatie, ons werk en de manier waarop we via social media door AI slop moeten navigeren.

Het is tijd om te erkennen dat AI slim is, maar niet per definitie gezellig. Wie zit er op te wachten om 15 pagina’s adviesrapport te lezen dat is gemaakt met AI? Niemand.

In traditionele communicatie-modellen hebben we de zender, de ‘encoded message’ van deze zender, de ‘decoded message’ van de ontvanger. Kortom: hoe verstuur je iets, en hoe ontvangt de ontvanger dit. Laten we dit model alsjeblieft geen wedloop maken met technologie ertussen.

Ik had een lang gesprek met ChatGPT over een zakelijk probleem, met een project dat om allerlei redenen niet was gegaan zoals we allebei wisten. Na veel stress, en advies van GPT schreef ik wat e-mails. Op een moment kwam ik er achter dat GPT mij dingen adviseerde waar ik helemaal niet meer achter stond. Ik gooide alles weg, en stuurde 4 zinnen die veel dichter bij mijn gevoel kwamen. Die kwamen wel aan, probleem direct opgelost.

Net als het feit dat er een moment komt in je leven dat je moet leren typen, of dat je moet leren wat de juiste emoji is in WhatsApp komt er een moment dat je moet leren wanneer, hoeveel en waarvoor je AI gebruikt. En dat is voor veel minder dan we nu denken.